Rasstandaard

Deze Nederlandse rasstandaard is een door mijzelf gemaakte (bijna letterlijke) vertaling van de Engelse versie van de FCI rasstandaard. Hij is dus niet origineel, en ik hoop het niet, maar er kunnen vertaalfouten in voorkomen. Om dit zoveel mogelijk te voorkomen, heb ik echt geprobeerd een letterlijke vertaling te maken waardoor sommige uitdrukkingen wellicht wat vreemd overkomen. Het is maar om u een beeld te geven van ons ras.

FCI-Standaard N? 206 / 20.04.1998 / GB
 
JAPANSE CHIN
(Chin)
 

LAND VAN HERKOMST :     
Japan.

 
DATUM VAN PUBLICATIE ORIGINEEL GELDENDE STANDAARD:     
1987.

AANDUIDING/'GEBRUIK' :    
Gezelschapshond.
 
CLASSIFICATIE F.C.I. :
Groep 9 - Gezelschapshonden
Sectie 8 - Japanse Chin en Pekingees
Without working trial.
 
KORTE GESCHIEDENIS :
Volgens eeuwenoude documenten wordt aangenomen dat de voorouders van de Chin als cadeau aangeboden werden aan het Japanse Hof in 732 door de leiders van Korea (gedurende de Silla Dynastie, 377 - 935). De daaropvolgende 100 jaar lijken veel Japanse Chins Japan binnen gekomen te zijn. Historische geschiedschrijving geeft ook aan dat afgezanten die naar China (gedurende de Tung Dynastie, 618 - 910) en Noord-Korea (gedurende de Po H? Dynastie, 698-926) werden gezonden honden van dit ras mee terugnamen. Gedurende de regeerperiode van Shogunate Tsunayoshi Tokugawa (1680-1709) werd het ras opgevoed als een in huis zijnde 'toy dog' in het kasteel van Edo.
In 1613 nam de Brit Kapitein Searles een Chin mee naar Engeland en in 1853 bracht de Amerikaanse Commodore Perry verschillende naar de U.S. waarvan twee aan werden geboden aan Koningin Victoria van Engeland.
Sinds 1868, is de Chin favoriet geweest als schoothond bij de dames van de hogere klassen, en wordt huidig verspreid als gezelschapshond.
 
ALGEMEEN UITERLIJKE KENMERKEN :
Klein formaat hond, met een breed gezicht, bedekt met een overvloedige vacht, met een elegant en gracieus voorkomen.
 
BELANGRIJKE VERHOUDINGEN :
De verhouding van de hoogte vanaf de schoft tot de lengte van het lijf is gelijk. Het lichaam van teefjes ietsjes langer.
 
GEDRAG/TEMPERAMENT :
Slim, mild, en plezierig.

HOOFD
SCHEDEL REGIO :
Schedel : Breed en gerond.
Stop : Diep en gedeukt.
 
GEZICHTSREGIO :
Neus :   Neusbrug erg kort en wijd, de neus in een rechte lijn met de ogen; de neuskleur zwart of diep vleeskleurig, naargelang de markeringen van de hond.
Kaak/Tanden : Tanden wit en sterk; gelijke beet wenselijk, maar schaargebit of onderbeet toegestaan.
Ogen :   Groot, rond, wijd uit elkaar staand en glanzend zwart van kleur.
Oren :  Lang, driehoekig, hangend, bedekt met lange haren; wijd uit elkaar staand.
 
NEK : Nogal kort en hoog gehouden.
 
LICHAAM :
Rug :                   Kort en recht.
Lende :              Breed en licht gerond.
Borst : Bescheiden breed en diep, met ribben bescheiden zichtbaar.
Buik : Goed omhoog getrokken.
 
STAART :     Bedekt met prachtige, overvloedige en lange haren, op de rug gedragen.
 
LEDEMATEN
VOORKANT : Voorarmen recht, fijn 'bebot''achterzijde van voorarmen onder de ellebogen bevederd.
 
ACHTERKANT: Achterbenen bescheiden gehoekt, achterzijde van het staartstuk bevederd.

VOETEN :  Smal en driehoekig ('hazenvoetjes'), bedekking met plukjes wenselijk.
 
TRED/BEWEGING : Elegant, licht en trots.
 
VACHT
HAAR : Zijdeachtig, recht en lang. Gehele lichaam, behalve gezicht, bedekt met overvloedig haar. De oren, nek, dijen en staart hebben overvloedige bevedering. 
 
KLEUR :  Wit met markeringen van zwart of rood. Markeringen symmetrisch verdeeld van rond de ogen over de oren als over het hele lichaam wenselijk. Vooral wit en wijde bles van snuit tot kroon hoofd wenselijk. 
 
GROOTTE  : Schofthoogte :
Reuen ongeveer 25 cm.
Teven iets kleiner dan reuen.
 
'FOUTEN': Afwijkingen van de voorgaande punten zouden beschouwd moeten worden als een fout, en de mate waarin de fout moet wegen moet in verhouding staan tot zijn mate.
? Neus : Elke andere kleur dan zwart bij honden met zwart - witte kleuren.
? Naar voren staande bovenkaak, rare onderkaak.
? Compleet witte vacht met geen enkele markering; individuele markering op het gezicht.
? Verlegenheid.
 
N.B. : Mannelijke dieren moeten twee normaal ogende testikels hebben, volledig ingedaald in het scrotum.
 

Het originele Japanese Chin Breed Standaard Document kan gevonden worden op de site van de FCI. De link naar deze site kan gevonden worden in de linken sectie van deze site.